De drijvende stad als ecosysteem

Drijvend bouwen. Diverse Nederlandse gemeentes zijn er op kleine schaal mee bezig. TU-alumnus Rutger de Graaf van YesDelft-onderneming DeltaSync zou er graag wat meer vaart achter zetten met zijn Blue Revolution.

Zijn drijvend paviljoen voor vergaderingen en evenementen dobbert alweer vijf jaar in de Rotterdamse Rijnhaven. Dichterbij, in de Delftse Harnaschpolder, drijven sinds vorig jaar vijf watervilla’s als innovatief project dat gestart werd door de gemeente Delft én DeltaSync. Bewoners kochten er een waterkavel en ontwikkelden met hun eigen architect een drijvende woning. Een van hen, Olaf Janssen, ontwikkelde zelfs een nieuw drijfsysteem op basis van composiet. Zowaar een wereldprimeur.

Mondjesmaat verschijnen er wat projecten in Nederland. Grotere in het Amsterdamse IJburg met zo’n honderd woningen, of kleinere in Lelystad en Woerden met hooguit tien stuks. Dordrecht zette afgelopen oktober een vijftal waterkavels van anderhalve ton te koop met het principe ‘wie het eerst komt, het eerst maalt’. Belangstellenden stonden er weken met een camper voor in de rij.

Vorige maand werd in de Rotterdamse Dokhaven het Aqua Dock officieel geopend. Dit project van de RDM Campus is bedoeld als testomgeving voor drijvend bouwen. Er komt een drijvende weg en bedrijven kunnen er een waterkavel huren om innovaties te testen. De Graaf presenteerde er de community of practice drijvend bouwen – een samenwerkingsverband van onderwijs, bedrijfsleven en overheid – en wil er in 2016 het nieuwe, drijvende kantoor van DeltaSync openen.

Dat drijvend bouwen technisch mogelijk is en mensen het leuk vinden, kan natuurlijk voldoende reden zijn om het te doen. De Graaf vindt dat er belangrijkere redenen voor zijn: wereldwijde problemen zoals ontbossing, verstedelijking en een groeiende behoefte aan voedsel, biobrandstof en andere grondstoffen. Hij schat het tekort aan ruimte in 2050 op zo’n 22 miljoen vierkante kilometer: het totale landoppervlakte van Noord-Amerika.

Landtekort
De Graaf schetst dat door verstedelijking meer behoefte is aan biobrandstoffen en voedsel, maar dat tegelijkertijd de hoeveelheid woestijn toeneemt. “Het grote landtekort dat we daardoor krijgen, zou je theoretisch kunnen oplossen door het beetje natuur dat we nog hebben daarvoor in te zetten. Dat is precies wat nu gebeurt: in Indonesië wordt tropisch regenwoud op grote schaal gekapt voor palmolieplantages, en in Brazilië en Argentinië voor sojabonen die we aan onze varkens voeren.”

Kan drijvend bouwen een alternatief vormen voor omzetting van natuur in landbouwgrond? Voor slechts een deel, denkt De Graaf. Landbouwgrond blijft weliswaar in stand als je steden op water laat uitbreiden, maar voor die uitbreidingen is wel extra voedsel nodig.

Met DeltaSync ontwikkelde De Graaf wat hij noemt een totaaloplossing: Blue Revolution. Volgens die visie zouden de meeste steden aan de kust op water kunnen uitbreiden in combinatie met drijvende voedsel- en biobrandstoffenproductie. “Veevoer zou je van zeewier kunnen maken. Biobrandstoffen via algen op het water. Op één vierkante meter kan zo’n alg veel meer biobrandstoffen produceren dan bijvoorbeeld een suikerrietplant. Algen hebben CO2 nodig, waar we te veel van hebben. Daarnaast hebben ze nutriënten nodig die in het afvalwater zitten dat steden langs de kust lozen.”

Is grootschalig op water bouwen niet slecht voor de natuur? Om dat te onderzoeken ontwikkelde DeltaSync met een groot aantal partners een onderwaterdrone voor metingen onder alle drijvende bouwprojecten in Nederland. Studenten van de TU en hogescholen deden er aan mee. De drone maakte camerabeelden en mat onder meer zuurstofgehalte, temperatuur en nutriënten. De Graaf kon geen significante effecten aantonen op de waterkwaliteit.

Ecosysteem
Wel zag hij onder zijn drijvende paviljoen én in Lelystad interessante ecologische systemen ontstaan. Er zwommen veel vissen en aan de bodem hechtten zich zeewier en mosselen. “Je kunt met drijvend bouwen dus niet alleen landschaarste oplossen, maar ook een ecosysteem creëren dat nutriënten uit het water filtert. Dan heb je een drijvende stad als waterzuivering en ecologisch systeem. Met afval van het land kan de drijvende stad kringlopen sluiten.’

Met zijn Blue Revolution ziet De Graaf ook een oplossing voor overstromingsrisico’s, want een drijvende stad zou een stad op het land kunnen beschermen tegen golven. “Onderzoekers zijn bezig met 3D-geprinte koraalriffen die een drijvende stad kunnen beschermen tegen golven. ”

De technologie is er dus: algenkwekerij, kunstmatige riffen, drijftechnologie, composieten. Fragmentarisch, dat wel. De Graaf wil die vakgebieden graag aan elkaar linken. Hij werkt al samen met het Amerikaanse Seasteading Institute, dat drijvende steden tevens als experimenteerruimte ziet voor zelfbestuur.

Vooralsnog is er in Nederland de afgelopen vijf jaar niets anders gekomen wat zo groot is als het drijvend paviljoen. Door de crisis en vertragend gepolder, meent hij. “Voor een drijvende stad is politiek leiderschap nodig, visie, durf. Het liefst laat ik hier in Nederland innovatieve projecten zien, die ik vervolgens over de hele wereld kan exporteren. We kunnen over twintig jaar niet nog steeds de Deltawerken aan buitenlandse delegaties tonen.”

th_DeltaSync_8326_SITE

Het drijvend paviljoen voor vergaderingen en evenementen van DeltaSync in de Rijnhaven Rotterdam. (Foto: Sam Rentmeester)

Blijf op de hoogte van het onderzoek

Ontvang de Delft Integraal nieuwsbrief 4 keer per jaar