Delftse jeugd

Kwam op vakantie een Delftse studente tegen. Zij: twintig, technische bestuurskunde, wonend op de Jacoba van Beierenlaan. Ik: 36, lucht- en ruimtevaarttechniek, ooit ook Jacoba van Beierenlaan. ‘Die mobieltjes hè’, begon ik. ‘Die waren er in mijn tijd nog niet, dus ik ben even nieuwsgierig: staan jullie tegenwoordig in de sociëteit massaal te chatten en te bellen?’ Ze glimlachte op een manier zoals ze vast ook naar haar opa van negentig glimlachte als die een onnozele vraag stelde over de jeugd van tegenwoordig.

‘Nee hoor,’ zei ze. ‘In de sociëteit is het gebruik van mobieltjes verboden, net als in de eetzaal. Wie het toch doet, krijgt een glas bier over zijn toestel.’

Wat een prachtig beeld, dacht ik. Zo’n hightech studentenstad vol tieners en twintigers die samen met elkaar mobielloze oases hebben
gecreëerd. Spreek je elkaar nog eens zonder dat er tussendoor iets gegoogled of gefacebookt moet worden.

Het gesprek ging verder en ik werd steeds enthousiaster over mijn oude studentenstad, en met name over de generatie die daar nu studeert. In de studiekringen waarin ik mij ooit begaf, gold een baan bij een multinational zo’n beetje als het hoogst haalbare. Shell, Airbus, een grote consultant.

Die ambitie leefde nu minder,verzekerde ze me. Met een goed idee een eigen bedrijf starten, vonden zij en haar vrienden minstens zo interessant. Ze vertelde me over de ‘scene’ rond YesDelft, waar studenten klaargestoomd worden om bedrijven te starten. Aan alles was gedacht: van goedkope kantoorruimte tot hulp bij het verzilveren van patenten.

‘Ken je de stormparaplu?’ vroeg ze. ‘Die paraplu die heel blijft bij windkracht tien? Begonnen bij YesDelft.’ Ja, die stormparaplu kende ik wel. Miljonairs moeten de bedenkers inmiddels zijn, ongetwijfeld ten koste van een of andere logge paraplu-multinational die geen echtenoodzaak zag tot innoveren.

Bij het afscheid vertelde ze me over haar plannen voor het komende studiejaar. In Amsterdam ging ze een half jaar studeren op de werking van inlichtingendiensten. Leek haar wel zo gezond, even buiten Delft iets totaal anders doen. Andere mensen, andere cultuur, andere ideeën. ‘En de studiepunten die je daar haalt…’ begon ik, en voorzag een klaagzang over studiesteden die elkaars punten niet wilden overnemen en andere Kafkaiaanse ellende. Maar ze had mijn zin al afgemaakt: ‘… die mag ik gewoon meetellen voor mijn minor in Delft. Geen enkel probleem.’

Ze zwaaide en weg was ze. Ik bleef achter en dacht aan al die krantenkolommen over studeren en studenten anno 2014. Vroeger was alles beter, is meestal de strekking. Maar niks van waar dus. De beste tijd om te studeren is nu.

Foto: Sam Rentmeester Tonie Mudde is chef Binnenland bij de Volkskrant. Hij studeerde lucht- en ruimtevaarttechniek  van 1996-2003.

Foto: Sam Rentmeester
Tonie Mudde is chef Binnenland bij de Volkskrant. Hij studeerde lucht- en ruimtevaarttechniek
van 1996-2003.

Blijf op de hoogte van het onderzoek

Ontvang de Delft Integraal nieuwsbrief 4 keer per jaar