Eigen energie eerst

Klimaatverandering vraagt om duurzame energiesystemen, maar op dit moment drukken buitenlandse energieleveranciers de Nederlandse uit de markt. “Het beleid van de Europese Unie zou beter gecoördineerd moeten worden.”

Dr.ir. Laurens de Vries, universitair hoofddocent bij de sectie energie & industrie (TBM) kijkt met die woorden vooruit op de klimaattop in Parijs. Hoe die coördinatie beter kan? Dat is precies waarmee zijn onderzoeksgroep zich bezighoudt. “We richten ons vooral op het effect van het CO2- en duurzame energiebeleid op investeringen in de energiesector.”

Zijn conclusie: landen binnen de Europese Unie (EU) werken elkaar nogal eens tegen als het gaat om duurzaam energiebeleid. “Dat komt doordat landen ieder hun eigen duurzaamheidsdoelen nastreven. Duitsland is op duurzaamheidsgebied bijvoorbeeld veel verder dan Nederland. De stroomprijzen zijn er laag, doordat ruim een kwart van de energie duurzaam wordt opgewekt. Dat leidt ertoe dat Nederland steeds meer Duitse energie importeert. Dat telt alleen níet mee voor onze duurzaamheidsdoelen, maar daardoor worden conventionele Nederlandse bedrijven uit de markt gedrukt.” Het beleid van de EU speelt daarin een belangrijke rol, zegt hij. “Dat is slecht gecoördineerd.” De CO2-markt, en dan met name de emissiehandel, is het belangrijkste beleidsinstrument van de EU. Het moet de uitstoot van broeikasgassen kosten-
effectief verminderen door te handelen in emissieruimte: het recht om een bepaalde hoeveelheid broeikasgassen uit te stoten. Vragers en aanbieders handelen in emissierechten en zo komt een CO2-prijs tot stand. “Door lobbyen, vraaguitval door de economische crisis en ook door meer investeringen in duurzame energie dan verwacht, zijn er teveel CO2-rechten in de markt”, zegt De Vries. Daardoor voelen grote bedrijven geen druk meer om hun uitstoot te beperken. Elk bedrijf moet weliswaar zoveel emissierechten inleveren als het in tonnen broeikasgas heeft uitgestoten, maar dat doet geen centje pijn op het moment dat er emissieruimte genoeg over blijft.

Er is ook goed nieuws, volgens de onderzoeker: “Het Europarlement heeft een voorstel aangenomen voor een stabiliteitsreserve voor CO2-rechten: als er teveel rechten in de markt zijn wordt een deel in de reserve gezet, en als de markt erg krap is worden er rechten uit de reserve vrijgegeven. Ons model liet zien dat de oorspronkelijke versie niet goed werkte. Nadat wij ons onderzoek hierover presenteerden aan de Europese Commissie, is de tijd tussen de constatering dat er teveel rechten zijn en het daadwerkelijk uit de markt halen ervan teruggebracht van twee naar één jaar. Dat verkleint het risico dat de reserve zelf bijdraagt aan het ontstaan van prijsbubbels in de CO2-markt. Al weet ik natuurlijk niet of dat direct is toe te schrijven aan ons onderzoek.

zon en Hoogspanning, Oude en nieuwe hoogspanningsmasten, Moerkapelle, EWI-boek

Blijf op de hoogte van het onderzoek

Ontvang de Delft Integraal nieuwsbrief 4 keer per jaar