‘Eilanden van schone energie’

TU-alumnus Allard van Hoeken gaf in twee maanden tijd honderd interviews naar aanleiding van de introductie van Bluetec en het winnen van de Kivi Ingenieursprijs. Dat doet hij met plezier, want deze ingenieur heeft een boodschap.

U werd afgelopen voorjaar bekend met Bluetec, de drijvende getijdeturbine. Hoe staat het daar nu mee?
“Het gaat hartstikke goed. In maart hebben we het platform gepresenteerd bij Damen Ship Repairs in Amsterdam. En op 11 mei was de tewaterlating in Den Helder. Na jaren van voorbereiding gaat de installatie nog voor de zomer aan de ankers om de eerste stroom te produceren. Onder ditzelfde platform zullen we stapsgewijs steeds meer en grotere turbines laten draaien. De 200-kilowattversie bieden we bovendien als kant-en-klaar product te koop aan. Ook dat is een doorbraak in getijdenstroom.”

Dit voorjaar won u de Prins Friso Ingenieursprijs van het Kivi. Wat is de impact daarvan?
“Wat het dit jaar allemaal gaat betekenen zullen we nog zien, maar het aantal interviews is wel enorm toegenomen. Door Bluetec en de Ingenieursprijs zijn we boven de honderd publicaties gekomen in twee maanden tijd.”

Wat vertelt u in die interviews?
“Mijn boodschap is het inzetten van ingenieurs voor schone energie. De ingenieur is voor middelbare scholieren een onbekende beroepsgroep. Mensen herinneren zich de Deltawerken als wapenfeit van ingenieurs, maar daarna weet men niets meer te noemen. Tegelijkertijd is alles wat je om je heen ziet ontworpen door ingenieurs. Hoe kan het dat zo’n belangrijke beroepsgroep zo op de achtergrond staat?”

Zijn ingenieurs te bescheiden?
“Ja, dat kan. Ze vragen niet om aandacht, maar ik denk dat positieve aandacht voor de beroepsgroep goed is. Anders krijg je jonge mensen nooit enthousiast voor het ingenieursvak omdat ze niet eens weten dat het bestaat.”

Nu bent u voorman van die beroepsgroep. Wat gaat u doen voor die aandacht?
“Mijn speerpunt is schone energie, omdat het een uitgelezen kans is voor de beroepsgroep iets goed te doen voor de samenleving. Ons huidige systeem van energieopwekking is heel ouderwets. We doen nog steeds wat we meer dan honderd jaar geleden hebben ontdekt, namelijk kolen, olie en gas verbranden. Maar we zijn technisch veel verder. De zonnestraling van een uur is genoeg om de hele aarde een jaar lang van energie te voorzien. Daarnaast kun je uit onder andere wind en getijden energie putten. Nieuwe energie is schoon, lokaal en gaat nooit op. Dat laatste is het mooiste dat er is. Ingenieurs kunnen schone energie technisch en economisch haalbaar maken.”

Het woord klimaatverandering hoor ik niet in uw betoog. Is dat bewust?
“Ik zeg toch wel: ‘schoon’. Schoon, lokaal en oneindig. Schoon heeft niet alleen met CO2-uitstoot te maken, maar ook met luchtkwaliteit en waterkwaliteit.”

Over haalbaarheid en betaalbaarheid hoor je nu dat de olie- en gasprijs zo laag zijn dat schone energie in vergelijking te duur wordt.
“Die lage olieprijs is tijdelijk en bovendien notoir lastig te voorspellen. Vast staat dat er steeds minder van zal zijn, terwijl schone energie oneindig is. Volgens de krant heeft Amerika toestemming gegeven aan Shell om in het Noordpoolgebied te boren. Het is niet goedkoop om daar te werken. Dat men dat toch wil doen, geeft aan dat de goedkope bronnen opraken. Verder: als je schone bronnen die niet vervuilen, wilt laten concurreren met vuile energiebronnen, moet je ze op een gelijke manier beoordelen.”

Bedoelt u dat bij gebruik van fossiele brandstof de impact op het milieu niet in rekening wordt gebracht?
“Ja, bijvoorbeeld. Er is een poging gedaan met verhandelbare emissierechten, maar dat werd geen succes. Het is niet logisch te eisen dat schoon goedkoper moet zijn dan vervuilend. Thuis is het ook goedkoper om je vuilnis in de achtertuin te gooien dan het te laten afvoeren. Of je moet bij vervuilende energiebronnen ook de kosten van het opruimen meerekenen, of zorgen dat er helemaal geen enkele uitstoot is. Dat zou schone energie meteen goedkoper maken, want er valt niets op te ruimen omdat er geen uitstoot is. Een gezonde samenleving mag best iets meer over hebben voor schone energievormen dan voor vervuilende.”

Het juryrapport van de ingenieursprijs noemt u ‘een inspirator voor duurzame energie in een behoudende wereld’. Want Bluewater bedient vooral de olie- en gasindustrie en u probeert binnen dit bedrijf te verduurzamen. Hoe gaat dat?
“Dat is heel leuk en uitdagend. Het is een kwestie van volhouden en doorzetten. In mijn vorige baan bij Bluewater was ik verantwoordelijk voor Latijns-Amerika en daar leerde ik over de drie p’s: paciencia, persistencia en perseverencia (geduld, volharding en doorzettingsvermogen). Die eigenschappen zijn onmisbaar. Ik ben niet tegen fossiele brandstof – ik gebruik het net als anderen. Maar ik wil dat we een klein deel van die brandstof gebruiken om iets te ontwikkelen dat straks wel oneindig meegaat.”

Heeft het lang geduurd om daar erkenning voor te krijgen?
“Eigenlijk niet. Ik heb in 2005 geopperd om iets te doen aan golfenergie, drijvende windturbines en getijdenenergie. Toen ik in Houston zat, is daaraan gesnuffeld door één medewerker. Hij vond de getijdenturbine het meest kansrijk. Toen hebben ze mij in 2009 teruggevraagd om dat op te zetten. Eenmaal terug kwam er een reorganisatie op gang door de crisis. Bluewater moest snijden en mijn hernieuwbare energiegroepje stond bovenaan de lijst. Toen heb ik intensief moeten discussiëren met consultants en banken om mijn kleine veelbelovende groepje binnenboord te houden. Dat was een lastige periode.”

Terwijl je ook zou kunnen argumenteren dat schone energie juist de groeirichting is?
“Dat is het ook, maar als bankiers willen dat leningen worden terugbetaald, dan kan ze de verre toekomst niks schelen. Dat is normaal.”

Heeft uw MBA geholpen bij die discussies?
“Zij vroegen discounted cashflow en de betekenis voor de toekomst. Ik kon ze met modellen de potentie laten zien. Dat zou ik zonder MBA niet hebben gekund.”

Hoe kwam u op het idee om die opleiding te volgen?
“Ik ben een zakelijk ingesteld iemand. Ik vond in Delft de techniek super interessant, maar ik miste de financieel-economische kennis. Op aanraden van mijn afstudeerbegeleider in Noorwegen ben ik in de techniek begonnen.”

Raad u het volgen van een MBA aan?
“Absoluut. Inhoudelijk kun je ook op andere manieren aan die kennis komen. Maar ik vond de dynamiek van de opleiding heel gaaf. Het gaat niet alleen om de kennis, maar ook om de mensen die je er treft: consultants, bankiers en advocaten, mensen die op een andere manier denken.”

Heeft dat gebracht wat u ervan verwachtte?
“Ja. Bij Bluetec doen we techniek en sales onder één paraplu. Daar voel ik me comfortabel bij omdat ik dat aankan. Ik weet van financiën, marketing, marktkennis en het interpreteren van marktdata. Ik weet niet of ik me daar zonder MBA ook zo gemakkelijk bij gevoeld zou hebben. Bij een nieuwe ontwikkeling is het essentieel dat je zowel het marktcontact als de technische ontwikkeling bijeen houdt. Want als je dat gaat scheiden, dan gaan sales en techniek een eigen
leven leiden en dan raak je achterop bij de markt.”

Schone energie is een kans voor de beroepsgroep om iets goeds te doen voor de samenleving

Gezien uw leeftijd bent u ongeveer halverwege uw loopbaan. Wat zijn de plannen voor de tweede helft?
“Ik wil binnen de schone energie blijven. Ik wil nu eerst getijdenenergie technisch en economisch tot een succes te maken. Mijn droom is dat uit te breiden met opslag erbij. Omdat getijden voorspelbaar zijn, heb je maar weinig opslag nodig. Daarmee zou ik afgelegen kleine eilandjes in de Stille Oceaan zoals bij Indonesië en de Filipijnen van schone energie kunnen voorzien. Mijn specialiteit is oceaanenergie, uitgebreid met opslag en zonne- en windenergie tot een portfolio van schone energie voor die gebieden. Ik ben als zeiler op die plekken geweest, en dan hoor je zes uur ‘s morgens de generator opstarten terwijl ze zonlicht in overvloed hebben en vaak ook golven en stroming. Het lijkt me een fantastische plek om te beginnen. En wat voor een eiland werkt, kun je ook op een dorp toepassen.”

 

CV
Allard van Hoeken (1969, Groningen) studeerde in 1994 af als werktuigbouwkundig ingenieur aan de TU Delft. Na een korte periode bij Heerema werkte hij tussen 1995 en 1999 bij offshorebedrijf Bluewater. In 2000 volgde hij een MBA in Frankrijk. Tussen 2001 en 2004 leidde hij een zelf opgericht bedrijf in Barcelona in online marktonderzoek, maar miste de offshore. Daarom keerde hij in 2004 terug naar Bluewater met het idee daar nieuwe energietechnieken te ontwikkelen. Tussen 2005 en 2009 zat hij voor Bluewater in Houston. In 2010 keerde hij terug naar Nederland om getijdenenergie te ontwikkelen met de drijvende generator Bluetec. Dit voorjaar won hij de Prins Friso Ingenieursprijs van het Kivi.

Foto: Sam Rentmeester

Foto: Sam Rentmeester

 

Blijf op de hoogte van het onderzoek

Ontvang de Delft Integraal nieuwsbrief 4 keer per jaar