‘Je moet niet snel willen oordelen’

bew_Alumni_JvdVeerKLEUR_8793

Voormalig Shell-topman drs. ir. Jeroen van der Veer is afgelopen zomer benoemd tot nieuwe voorzitter van de raad van toezicht. Van der Veer behaalde in 1971 de ingenieurstitel werktuigbouw in Delft. Hij vervangt Gert-Jan Kramer, die twee termijnen voorzitter was.

Hoe voelt deze terugkeer naar uw Alma Mater?
“Dat voelt prima. Ik vind het eervol dat ik iets ­terug kan doen voor deze universiteit die ik enorm heb gewaardeerd.”

Wat is uw visie op de TU? Gaat het de goede kant op met deze universiteit?
“Mijn mening over de TU ga ik niet in de krant zetten. Ik werk op de achtergrond. Dat is mijn rol. Bij Shell heb ik ­bovendien geleerd dat je niet te snel moet oordelen. Je moet eerst begrijpen wat er gebeurt en onderzoeken waar je persoonlijke twijfels zitten. In die fase zit ik nu. Wat ik wel kan zeggen is dat toen ik bij Shell werkte, men zeer positief gestemd was over Delftse afgestudeerden. En dat is nog steeds zo. Dat moeten we niet verspelen.”

U opereert op de achtergrond. We gaan de komende jaren dus weinig van u horen?
“Ik ben slecht voor de kopij.”
Totdat er eventueel zaken misgaan op de TU, dan wordt u door de minister ter verantwoording geroepen.
“Ja, in een extreem geval kan het gebeuren dat ik de spreekbuis van de universiteit word. Maar je moet niet het gezicht naar buiten willen zijn.”

Uw voorganger, Gert-Jan Kramer, moest uitleg geven over te hoge salarissen en declaraties van enkele leidinggevenden. Dergelijke discussies laaien om de zoveel tijd op. Wat vindt u daarvan?
“We moeten ons realiseren dat we een Rijksuniversiteit zijn. De overheid is aandeelhouder en die mag dus wensen hebben. Ik denk wel dat de hoogte van beloningen effect heeft op het talent dat je kunt aantrekken. Je moet beide kanten van het verhaal zien.”

De TU richt de blik veel op opkomende economieën waaronder China dat veel in onderzoek investeert. Ziet u nog andere ontwikkelingen waar de universiteit op moet inspelen?
“Het is goed om naar geografische veranderingen te kijken. Maar er zijn ook veranderingen die zich direct hier
afspelen. Zo is er door robotisering, de ontwikkelingen in het 3D-­printen en de toenemendeautomatisering van
machines een nieuwe maakindustrie aan het ontstaan. Producten kunnen weer in kleine series in Europa geproduceerd worden.
Verder liggen in de bebouwde omgeving veel mogelijkheden om beter met energie om te gaan. Over tien jaar zal er heel anders gebouwd worden dan nu. Daar liggen ook kansen voor de TU.Ook interessant voor de TU zijn de ontwikkelingen in de medische technologie. De samenwerking met de universiteiten van Leiden en Rotterdam spreekt me erg aan.”

 

Blijf op de hoogte van het onderzoek

Ontvang de Delft Integraal nieuwsbrief 4 keer per jaar